Officiële Bekendmakingen (KOOP)
Ministerie van Buitenlandse Zaken
Deze wijziging past het Subsidieprogramma Sectorale Samenwerking IMVO 2024–2029 aan en stelt het subsidieplafond vast voor de tweede openstelling. Voor pijler 1 (verduurzaming van internationale waardeketens in een IMVO-sectorovereenkomst) en pijler 2 (ondersteuning van maatschappelijke organisaties bij de uitvoering van IMVO-sectorovereenkomsten) gelden afzonderlijke budgetten. Doelgroep: samenwerkingsverbanden van bedrijven en maatschappelijke organisaties binnen een IMVO-sectorovereenkomst; de penvoerder is een dee
Besluit:
Het Besluit van de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking van 24 juli 2024, nr. BZ2403658, tot vaststelling van beleidsregels en een subsidieplafond voor subsidiëring op grond van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Subsidieprogramma Sectorale Samenwerking IMVO 2024–2029)1Stcrt. 2024, 25516. wordt als volgt gewijzigd:AIn artikel 2 wordt onder vernummering van het derde lid tot vierde lid een lid ingevoegd, luidende:3.
Voor aanvragen voor subsidie in volgende openstellingen van het Subsidieprogramma Sectorale Samenwerking IMVO 2024–2029 gelden nader bekend te maken openstellings?xpp afbm?>periodes.
BArtikel 3 wordt als volgt gewijzigd:1.Onder vernummering van het tweede en derde lid tot derde en vierde lid wordt een lid ingevoegd, luidende:2.
Voor subsidieverlening in het kader van het Subsidieprogramma Sectorale Samenwerking IMVO 2024–2029 geldt voor de periode vanaf inwerkingtreding van dit besluit tot en met 31 december 2029 voor aanvragen als bedoeld in artikel 2, tweede lid, een subsidieplafond van:
€ 2.529.079 voor activiteiten van ondernemingen en maatschappelijke organisaties om binnen een IMVO-sectorovereenkomst internationale waardeketens te verduurzamen (eerste pijler);
€ 1.236.414 voor de ondersteuning van maatschappelijke organisaties voor hun rol bij de implementatie van IMVO-sectorovereenkomsten (tweede pijler).
Indien na toepassing van het tweede lid een deel van het subsidieplafond resteert, wordt dit toegevoegd aan het subsidieplafond van een nader bekend te maken openstelling van het Subsidieprogramma Sectorale Samenwerking IMVO 2024–2029.
3.In het vierde lid (nieuw) wordt ‘aanvragen als bedoeld in artikel 2, tweede lid,’ vervangen door ‘aanvragen als bedoeld in artikel 2, derde lid,’.De bijlage bij het Besluit van de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking van 24 juli 2024, nr. BZ2403658, tot vaststelling van beleidsregels en een subsidieplafond voor subsidiëring op grond van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Subsidieprogramma Sectorale Samenwerking IMVO 2024–2029)2Stcrt. 2024, 25516. wordt als volgt gewijzigd:AIn paragraaf I.4.2. (Subsidiabele kosten) vervalt in het eerste gedachtestreepje van onderdeel a ‘en hiervoor is een controle verklaring nodig’.BParagraaf II.1.3. (Wie kunnen in aanmerking komen voor een subsidie) wordt als volgt gewijzigd:1.In de tweede alinea ‘Aan de (partners van de) samenwerkingsverbanden worden de volgende eisen gesteld:’ wordt in de eerste bullet van de opsomming de tweede zin vervangen door:Tot de partners van het samenwerkingsverband behoren in elk geval twee of meer statutair in Nederland gevestigde ondernemingen, niet zijnde brancheorganisaties, die collectieve gepaste zorgvuldigheid willen toepassen, onderdeel zijn van dezelfde sector of waardeketen, en deelnemer zijn aan een IMVO-sectorovereenkomst.
2.In de tweede alinea ‘Aan de (partners van de) samenwerkingsverbanden worden de volgende eisen gesteld:’ wordt in de tweede bullet van de opsomming onder vervanging van een punt aan het slot van de subopsomming door een puntkomma, een subbullet toegevoegd, luidende:zijn deelnemer aan een IMVO-sectorovereenkomst.
In Europa gevestigde ondernemingen die gepaste zorgvuldigheid willen toepassen en onderdeel zijn van dezelfde waardeketen van een deelnemer aan een IMVO-Sectorovereenkomst die tevens een partner is in het samenwerkingsverband kunnen deel uitmaken van het samenwerkingsverband. Hierbij kan gedacht worden aan toeleveranciers van Nederlandse ondernemingen.
4.De derde alinea komt te luiden:De rol van penvoerder wordt vervuld door een van onderstaande deelnemers van een IMVO-sectorovereenkomst:
een onderneming met een statutaire zetel in Nederland;
een onderneming met een statutaire zetel in het buitenland en een vestiging of vaste inrichting in Nederland;
een statutair in Nederland gevestigde branchevereniging; of
een maatschappelijke organisatie.
Eerste openstelling
2.Aan de paragraaf wordt toegevoegd:Tweede openstelling
?xpp witregel?>De subsidie bedraagt per aanvraag maximaal 70% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 356.000, waarbij de kosten van maatschappelijk organisaties 100% subsidiabel kunnen zijn (hetgeen leidt tot een hogere eigen bijdrage van de andere partners in het samenwerkingsverband om te kunnen voldoen aan de totale eigen bijdrage van 30%).
?xpp witregel?>De omvang van de aangevraagde subsidie is niet lager dan € 150.000.
?xpp witregel?>Het deel van de totale subsidiabele kosten waarvoor geen subsidie wordt verstrekt moet door de aanvragers van de subsidie zelf worden gefinancierd, dit wordt ook wel de eigen bijdrage genoemd. Dit mag niet worden gefinancierd met middelen die verkregen zijn door middel van een directe of indirecte subsidie of bijdrage ten laste van de begroting van het Ministerie van Buitenlandse Zaken.
?xpp witregel?>Voor de tweede openstelling van het subsidieprogramma geldt bij een aanvraag voor activiteiten die in 3 jaar worden uitgevoerd een maximum subsidie van € 356.000 per aanvraag van een samenwerkingsverband.
DAan paragraaf II.2.1. (Vereisten) wordt een alinea toegevoegd, luidende:Wanneer over een onderneming een melding is (of wordt) ingediend bij het Nederlands Nationaal Contactpunt (NCP) voor de OESO-richtlijnen3https://www.oesorichtlijnen.nl/meldingen, moet die onderneming dit melden bij RVO en medewerking verlenen aan het NCP.
EParagraaf III.1.6. (Omvang van de subsidie) wordt als volgt gewijzigd:1.Voor de eerste alinea wordt een zin ingevoegd, luidende:Eerste openstelling
2.Aan de paragraaf wordt toegevoegd:Tweede openstelling
?xpp witregel?>Het maximale subsidiebedrag dat voor subsidiabele activiteiten kan worden verkregen is:
€ 300.000 bij ≤ 30 partijen
€ 450.000 bij 31–50 partijen
€ 600.000 bij ≥ 51 partijen
aan inzet per IMVO-sectorovereenkomst voor de resterende programmaperiode van het samenwerkingsverband, en uiterlijk tot en met 31 december 2029.
?xpp witregel?>In dit kader is een partij bij de IMVO-sectorovereenkomst, in aanvulling op hetgeen daarover is vermeld in paragraaf III.1.3, een organisatie die de IMVO-sectorovereenkomst onderschrijft en actief bijdraagt aan het verwezenlijken van de doelstellingen en ambities daarvan door deel te nemen aan het besluitvormingsproces en financieel en/of in natura bij te dragen aan de implementatie van de set van afspraken. Voor ondernemingen geldt dat zij altijd tenminste een financiële bijdrage aan de IMVO-sectorovereenkomst moeten leveren.
?xpp witregel?>De subsidie wordt per soort subsidiabele activiteit apart aangevraagd. Bij een looptijd van minder dan 1 jaar geldt dat de hoogte van het maximale subsidiebedrag wordt bepaald naar rato van het aantal maanden waarin de activiteiten waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft worden uitgevoerd.
?xpp witregel?>Voor IMVO-sectorovereenkomsten waarbij minimaal 51 partijen zijn aangesloten, geldt dat voor aanvragen in de jaren 2027, 2028 en 2029 waar al subsidie voor is verleend aan (de penvoerder van) het samenwerkingsverband dit bedrag kan worden aangevuld tot het maximale geldende bedrag aan de hand van het aantal partijen. Bijvoorbeeld: voor het jaar 2027 is al € 150.000 aan subsidie verleend aan (de penvoerder van) het samenwerkingsverband en de IMVO-sectorovereenkomst telt 51 of meer deelnemers. Dan kan de penvoerder een extra aanvraag voor subsidie indienen van € 50.000 of naar rato van het aantal maanden waarin de activiteiten waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft.
?xpp witregel?>Als het aantal partijen aan een IMVO-sectorovereenkomst gedurende de looptijd van de activiteiten naar een hogere verdeelsleutel groeit, kan de penvoerder een aanvullende aanvraag voor subsidie indienen om in aanmerking te komen voor het maximale subsidiebedrag voor de resterende periode. Bijvoorbeeld: een IMVO-sectorovereenkomst groeit van 30 partijen naar 31, dan kan de penvoerder een aanvraag voor subsidie indienen van maximaal € 150.000 voor de periode van 3 jaar of naar rato van het aantal maanden waarin de activiteiten waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft. Het resterende subsidiebudget wordt verdeeld op basis van volgorde van binnenkomst van de aanvragen.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst, met dien verstande dat de bijlage bij het Besluit van de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp van 24 juli 2024, nr. BZ2403658, tot vaststelling van beleidsregels en een subsidieplafond voor subsidiëring op grond van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Subsidieprogramma Sectorale Samenwerking IMVO 2024–2029) zoals deze luidde voorafgaand aan de inwerkingtreding van dit besluit van toepassing blijft op subsidies die voor die dag verleend zijn en aanvragen die voor die dag al waren ingediend.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
de Directeur-Generaal Buitenlandse Economische Betrekkingen,
De toenmalige Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp heeft in 2024 middelen ter beschikking gesteld voor subsidiëring van sectorale activiteiten ten behoeve van het toepassen van gepaste zorgvuldigheid in lijn met de OESO-richtlijnen voor multinationale ondernemingen inzake maatschappelijk verantwoord ondernemen aan de hand van het Subsidieprogramma Sectorale Samenwerking IMVO 2024 – 2029. Dit besluit strekt ertoe het subsidieplafond dat beschikbaar is voor subsidieverlening voor de tweede openstelling vast te stellen en enkele wijzigingen door te voeren die tot doel hebben om de middelen voor dit subsidieprogramma efficiënter en impactvoller in te kunnen zetten.
Het subsidieplafond dat beschikbaar is voor subsidieverlening onder pijler 1 en pijler 2, is vastgesteld op het bedrag dat resteert na de eerste openstellingsperiode. Als na de tweede openstellingsperiode een deel van het subsidieplafond resteert, wordt dit toegevoegd aan het subsidieplafond van een nader bekend te maken openstelling.
De controle verklaring voor de loonkosten plus vaste-opslag-systematiek voor de berekening van personeelskosten komt te vervallen omdat er voldoende kan worden gecontroleerd op basis van een verzamelloonstaat.
Om de deelnemers van IMVO-sectorovereenkomsten de mogelijkheid te bieden meer impact te maken in de keten, kunnen ketenpartners van deelnemers meedoen aan een samenwerkingsverband onder pijler 1. Deze ondernemingen kunnen echter niet het benodigde minimum van twee Nederlandse ondernemingen in een samenwerkingsverband vervangen. Dit is verduidelijkt met een extra toevoeging.
Ter bevordering van een efficiëntere besteding van beschikbare middelen is besloten de jaarlijkse limiet van € 225.000 los te laten. Tevens is besloten om het maximale bedrag per aanvraag van een samenwerkingsverband onder pijler 1 te verlagen van € 675.000 naar € 356.000 om zowel voldoende middelen te reserveren voor nieuwe IMVO-sectorovereenkomsten als ook de gelegenheid bieden aan bestaande IMVO-sectorovereenkomsten om een aanvullende activiteit aan te vragen.
Naast dat ondernemingen de OESO-richtlijnen moeten onderschrijven en ernaar moeten handelen geldt ook dat ze medewerking moeten verlenen als er over een onderneming een melding is (of wordt) ingediend bij het Nederlands Nationaal Contactpunt (NCP) voor de OESO-richtlijnen.
Ter bevordering van een efficiëntere besteding van beschikbare middelen is besloten de jaarlijkse limiet van € 150.000 los te laten. Tevens is besloten om het maximale bedrag per aanvraag van een samenwerkingsverband onder pijler 2 afhankelijk te stellen van het aantal partijen van een IMVO-sectorovereenkomst, voor een zo eerlijk mogelijke verdeling van beschikbare middelen tussen de IMVO-sectorovereenkomsten van verschillende omvang.
De Minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
de Directeur-Generaal Buitenlandse Economische Betrekkingen,
De volledige tekst hierboven is de officiële, gepubliceerde bekendmaking; de samenvatting bovenaan deze pagina is automatisch gegenereerd. Controleer voorwaarden, deadlines en subsidieplafonds altijd op de officiële pagina voordat u een aanvraag indient.