Terug naar de radar

Officiële Bekendmakingen (KOOP)

STUDI (Studies voor duurzame industrie), Programmalijnen 1 tot en met 3

OpenGeldig tot 31 maart 2027

Ministerie van Economische Zaken en Klimaat

De deadline voor de drie programmalijnen van STUDI is gecorrigeerd: niet 31 maart 2026, maar 31 maart 2027. De lijnen zijn geopend vanaf 18 mei 2026. De doelgroep bestaat uit aanvragers van haalbaarheidsstudies, milieustudies en vergelijkbare onderzoeken naar pilot- en demonstratieprojecten of investeringen in uitontwikkelde technologie binnen de industrie.

Volledige officiële tekst

Regeling van de Minister van Klimaat en Groene Groei van 20 oktober 2026, nr. WJZ/108353422, tot wijziging van de Regeling openstelling EZ-, LVVN- en KGG-subsidies 2026 in verband met de ophoging van de subsidieplafonds van de EKOO Elektriciteit en EKOO Industrie en het herstel van enkele omissies [KetenID WGK 29630]De Minister van Klimaat en Groene Groei,Gelet op artikel 16 van het Kaderbesluit nationale EZK- en LNV-subsidies;

Besluit:

De tabel horende bij artikel 1 van de Regeling openstelling EZ-, LVVN- en KGG-subsidies 2026 wordt als volgt gewijzigd:AIn de rij van Titel 4.2: Energie-innovatie, Artikel 4.2.9, Energie & Klimaat Onderzoek en Ontwikkeling (EKOO), Onderdeel A: Elektriciteit, wordt in de vijfde kolom ‘€ 7.000.000’ vervangen door ‘€ 8.678.465’.BIn de rij van Titel 4.2: Energie-innovatie, Artikel 4.2.9, Energie & Klimaat Onderzoek en Ontwikkeling (EKOO), Onderdeel C: Industrie, wordt in de vijfde kolom ’€ 7.000.000’ vervangen door ‘€ 8.379.313’.CIn de derde tot en met vijfde rij van Titel 4.2: Energie-innovatie, Artikel 4.2.113, Studies voor duurzame industrie (STUDI), Programmalijnen 1 tot en met 3, wordt in de vijfde kolom ‘18-05-2026 t/m 31-03-2026’ vervangen door ‘18-05-2026 t/m 31-03-2027’.

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt ten aanzien van artikel I, onderdeel A, terug tot en met 22 april 2026 en werkt ten aanzien van artikel I, onderdeel B, terug tot en met 1 april 2026.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage,20 oktober 2026

De Minister van Klimaat en Groene Groei,

Toelichting

Deze regeling strekt tot wijziging van de Regeling openstelling EZ-, en LVVN- en KGG-subsidies 2026 (hierna: ROES 2026) in verband met de ophoging van de subsidieplafonds van de module Energie & Klimaat Onderzoek en Ontwikkeling (hierna: EKOO) Elektriciteit en Industrie en het herstel van enkele omissies in de subsidiemodule Studies voor duurzame industrie (hierna: STUDI). De EKOO Elektriciteit en EKOO Industrie zijn in 2026 opengesteld voor subsidieaanvragen. Omdat de eerder vastgestelde subsidieplafonds onvoldoende bleken om alle kwalitatief goede voorstelen te ondersteunen, zijn deze plafonds opgehoogd.

De subsidiemodule EKOO, opgenomen in paragraaf 4.2.2 van de Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies (hierna: RNES), heeft als doel om projecten te ondersteunen bij onderzoek en ontwikkeling van innovaties die kunnen bijdragen aan de transitie naar een klimaatneutrale samenleving. De EKOO is een aanvulling op de subsidiemodule MOOI. In tegenstelling tot de MOOI, gaat het bij de EKOO om projecten die niet of nog niet in grootschalige consortia kunnen worden opgepakt. De innovaties die in aanmerking komen voor subsidie in de EKOO dienen binnen tien jaar na de start van het project in de markt geïntroduceerd te kunnen worden. De EKOO kan voor verschillende inhoudelijke thema’s afzonderlijk opengesteld worden via aparte onderdelen met een afzonderlijk subsidieplafond. Per onderdeel is in bijlage 4.2.1 van de RNES opgenomen wat daarvoor de doelstelling en subsidiabele thema’s zijn. De onderhavige wijzigingsregeling betreft de onderdelen die hieronder worden toegelicht.

De EKOO, onderdeel A. Elektriciteit, is dit jaar opengesteld via de ROES 2026 van 22 april 2026 tot en met 28 mei 2026 met een subsidieplafond van € 7.000.000. Dit subsidieplafond is opgehoogd met € 1.729.829 naar € 8.729.728. Het budget is afkomstig uit de reguliere middelen voor energie-innovatie van EZK. Hiermee kunnen naar verwachting drie extra projecten worden ondersteund die hoog scoren in de rangschikking.

De EKOO, onderdeel C. Industrie, is dit jaar opengesteld via de ROES 2026 van 01 april 2026 tot en met 13 mei 2026 met een subsidieplafond van € 7.000.000. Dit subsidieplafond is opgehoogd met € 1.379.313 naar € 8.379.313. Het budget is afkomstig uit de reguliere middelen voor energie-innovatie van EZK Hiermee kunnen naar verwachting twee extra projecten worden ondersteund die hoog scoren in de rangschikking.

De subsidiemodule STUDI, opgenomen in paragraaf 4.2.17 van de RNES, ondersteunt haalbaarheidsstudies, milieustudies en vergelijkbare studies naar potentiële pilot- en demonstratieprojecten en naar investeringen in uitontwikkelde technologie. Deze drie typen studies helpen de aanvrager te besluiten over het wel of niet starten van en investeren in een mogelijk pilot- of demonstratieproject of een project met uitontwikkelde technologie, dat bijdraagt aan de doelen uit het Klimaatakkoord. Hiermee wordt bijgedragen aan de intensieve voorbereiding die dergelijke projecten vergen in de industrie. Deze subsidiemodule is onderverdeeld in drie programmalijnen, die opgenomen zijn in de bijbehorende bijlage. Alle drie de programmalijnen zijn dit jaar opengesteld vanaf 18 mei 2026. Per abuis werd in de ROES 2026 een verkeerde sluitingsdatum vermeld, namelijk 31 maart 2026 in plaats van 31 maart 2027. Dit is met de onderhavige wijzigingsregeling gecorrigeerd.

Subsidie die wordt verleend op grond van de subsidiemodule EKOO bevat staatssteun die wordt gerechtvaardigd door artikel 25 van de algemene groepsvrijstellingsverordening (hierna: AGVV), voor industrieel onderzoek en experimentele ontwikkeling.

Voor de subsidiemodule EKOO geldt aanvullend dat naast economische activiteiten waarvan de steun gerechtvaardigd wordt door de AGVV ook niet-economische activiteiten van onderzoeksorganisaties worden gesubsidieerd, indien deze activiteiten daadwerkelijk als onafhankelijk onderzoek worden gekwalificeerd. Subsidie voor dit onafhankelijk onderzoek kwalificeert conform paragraaf 2.1.1 van het O&O&I-steunkader niet als staatssteun.

De voorgenoemde subsidiemodules zijn verenigbaar met de maximale steunpercentages en voorwaarden van de voormelde artikelen uit de AGVV en de algemene de-minimisverordening.

De ophogingen van de subsidieplafonds voor de openstellingen van bovenstaande subsidiemodules zullen ter kennisneming aan de Europese Commissie worden gemeld, conform artikel 11, onderdeel a, van de AGVV. Indien een subsidie die op grond van deze subsidiemodules wordt verleend staatssteun bevat die door de AGVV wordt gerechtvaardigd, maakt de minister op grond van artikel 1.8 van de RNES binnen zes maanden na de datum van subsidieverlening de volgende gegevens bekend:

  • •

    de gegevens, bedoeld in artikel 9, eerste lid, onderdelen a en b, van de AGVV; en

  • •

    de gegevens, bedoeld in artikel 9, eerste lid, onderdeel c, van de AGVV, voor zover de individuele steun meer bedraagt dan € 100.000.

De ophoging van de subsidiemodule EKOO heeft gevolgen voor de regeldruk. Alle subsidieaanvragers moeten een aanvraagformulier indienen, inclusief projectplan en projectbegroting. Voor de EKOO geldt dat de onderdelen die opgehoogd worden reeds zijn gesloten. De ophoging zal niet leiden tot meer aanvragen, maar wel tot meer subsidieverleningen.

Door de ophoging van het subsidieplafond voor de subsidiemodule EKOO, onderdeel A. Elektriciteit, kunnen naar verwachting drie extra aanvragen van de al ingediende aanvragen worden toegewezen. De totale administratieve lasten van subsidieontvangers en niet-subsidieontvangers samen zullen toenemen van € 118.836 naar € 141.437. De relatieve administratieve lasten nemen licht af van 1,70% naar 1.63%.

Door de ophoging van het subsidieplafond voor de subsidiemodule EKOO, onderdeel C. Industrie, kunnen naar verwachting twee extra aanvragen van de reeds ingediende aanvragen worden toegewezen. De totale administratieve lasten van subsidieontvangers en niet-subsidieontvangers samen zullen toenemen van € 118.836 naar € 133.903. De relatieve administratieve lasten nemen licht af van 1,70% naar 1,59%.

Wijzigingsregelingen die enkel de wijziging van subsidieplafonds betreffen, worden niet voorgelegd ter advies aan het Adviescollege toetsing regeldruk (ATR), conform de afspraken met het Adviescollege over de advisering over ministeriële regelingen.

De wijziging met betrekking tot de STUDI betreft het herstel van een omissie en heeft geen gevolgen voor de regeldruk. Voor een uitleg van de algemene regeldrukgevolgen van deze module wordt verwezen naar de Regeling van de Minister van Klimaat en Groene Groei van 18 april 2026, nr. WJZ/103744709, tot wijziging van de Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies en de Regeling openstelling EZ-, LVVN- en KGG-subsidies 2026 in verband met de wijziging en openstelling van de subsidiemodules TSE Industrie studies en VEKI en andere niet-inhoudelijke wijzigingen binnen titel 4.2 (Stcrt. 2026, 15135).

Deze wijzigingsregeling treedt in werking op de dag na publicatie in de Staatscourant en wijkt daarmee af van de systematiek van de vaste verandermomenten, inhoudende dat ministeriële regelingen met ingang van de eerste dag van een kwartaal in werking treden en minimaal twee maanden voordien bekend worden gemaakt. Dat kan in dit geval worden gerechtvaardigd, omdat de doelgroep van de subsidiemodule gebaat is bij een spoedige inwerkingtreding. De ophoging van de subsidieplafonds moet namelijk gelden voor de openstellingen in 2026. Als de wijzigingen niet tijdig zouden worden doorgevoerd, zouden aanvragen moeten worden afgewezen wegens uitputting van het oorspronkelijk vastgestelde subsidieplafond.

De wijzigingen in artikel I, onderdelen A en B, hebben terugwerkende kracht tot het moment dat de openstelling aanving, zodat het verhoogde subsidieplafond geldt voor de gehele openstellingstermijn. Hierdoor wordt het verhoogde subsidieplafond geacht vanaf het begin van toepassing te zijn en geldt dit ook voor alle eerder ingediende aanvragen. Voor de EKOO, onderdeel A. Elektriciteit, werkt de ophoging van het subsidieplafond in artikel I, onderdeel A, daarom terug tot en met 22 april 2026. Voor de EKOO, onderdeel C. Industrie, werkt de ophoeging van het subsidieplafond in artikel I, onderdeel B, daarom terug tot en met 1 april 2026.

De Minister van Klimaat en Groene Groei,

De volledige tekst hierboven is de officiële, gepubliceerde bekendmaking; de samenvatting bovenaan deze pagina is automatisch gegenereerd. Controleer voorwaarden, deadlines en subsidieplafonds altijd op de officiële pagina voordat u een aanvraag indient.