Terug naar de radar

Officiële Bekendmakingen (KOOP)

Mozaïek 3.0 2026, 1e ronde

OpenGeldig tot 4 mei 2027

Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek

NWO roept op tot voorstellen voor Mozaïek 3.0 2026, 1e ronde. Beoogd wordt de instroom in de wetenschap te vergroten van onderzoekers met migratieachtergrond of vluchtelingenstatus. Doelgroep: promovendi/onderzoekers met een migratieachtergrond buiten Europa (groep 1) of recente asielachtergrond/vluchtelingenstatus (groep 2); nog niet gepromoveerd en nog geen financiering voor promotieonderzoek ontvangen. Het totale subsidieplafond is € 7.400.000, waarvan € 5.000.000 voor groep

Volledige officiële tekst

2026 1e ronde

1

Overzicht en inleiding

1.1

Kort overzicht

1.2

Inleiding

2

Doelstelling en achtergrond

2.1

Doelstelling van Mozaïek 3.0

2.2

Achtergrond

3

Opstellen en indienen

3.1

Tijdpad

3.2

Wie kan aanvragen

3.3

Wat kan worden aangevraagd

3.4

Vooraanmelding opstellen en indienen in ISAAC

3.5

Aanvraag opstellen en indienen in ISAAC

4

Beoordeling

4.1

Criteria

4.2

Procedure

4.3

Richtlijnen en kaders voor de beoordeling

5

Na de toewijzing

5.1

Start van het project

5.2

Monitoring en projectbeheer

5.3

Richtlijnen en kaders voor uitvoering project

5.4

Afronding

5.5

Onderzoeksresultaten – Open Science

5.6

Evaluatie

6

Contact

7

Bijlagen

7.1

Toelichting op budgetmodules

7.2

Indexering

In dit hoofdstuk vindt u een kort overzicht van de ronde en een inleiding.

Titel: Mozaïek 3.0 2026

Doel: Diversiteit en inclusie staan hoog op de agenda van NWO en zijn in de NWO-strategie 2023–2026 expliciet opgenomen. NWO streeft naar een inclusieve wetenschapscultuur voor zowel de eigen organisatie en haar instituten als voor de Nederlandse wetenschap in het algemeen. NWO focust hierbij op inclusieve procedures en het stimuleren van groepen onderzoekers die getalsmatig ondervertegenwoordigd zijn. Mozaïek 3.0 richt zich op onderzoekers met een migratieachtergrond of een vluchtelingstatus.

Budget: De aan te vragen subsidie per project bedraagt maximaal € 420.000. Binnen de ronde in 2026 van het Mozaïek 3.0 programma worden naar verwachting maximaal 18 aanvragen toegewezen.

Cofinancieringseis: Geen

Eigen bijdrage: Geen

Indieningsdeadline(s):

De deadline voor het indienen van vooraanmeldingen is 3 november 2026, voor 14:00:00 CET.

De deadline voor het indienen een aanvraag is 4 mei 2027, voor 14:00:00 CEST.

Procedure: vooraanmelding, aanvraag, interview, vergadering van de beoordelingscommissie, besluitvorming.

Deze Call for proposals beschrijft hoe het aanvraagproces voor de ronde Mozaïek 3.0 2026 is ingericht en bestaat uit zeven hoofdstukken.

Deze Call for proposals valt onder de verantwoordelijkheid van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). Op alle aanvragen zijn de NWO Subsidieregeling 2024 en het Akkoord bekostiging wetenschappelijk onderzoek van toepassing.

NWO verwerkt persoonsgegevens die zij in het kader van deze ronde ontvangt conform de NWO Privacyverklaring.

In dit hoofdstuk leest u meer over de doelstelling en de achtergrond van het programma Mozaïek 3.0.

Het doel van Mozaïek 3.0 is om in Nederland de instroom van twee getalsmatig ondervertegenwoordigde groepen in de wetenschap te stimuleren: (Groep 1) afgestudeerden met een Nederlandse nationaliteit of permanente verblijfsvergunning, welke niet in Nederland zijn geboren (personen met migratieachtergrond); of in Nederland zijn geboren en waarbij één of beide ouders van de afgestudeerden in het buitenland is/zijn geboren (kinderen van ouders met migratieachtergrond); en (Groep 2) academici met een aantoonbare vluchtelingenstatus.

Mozaïek 3.0 heeft als doel de instroom van onderzoekers uit groepen die getalsmatig ondervertegenwoordigd zijn te stimuleren. Het programma richt zich op twee doelgroepen. Groep 1 betreft onderzoekers met een migratieachtergrond buiten Europa, de doelgroep die voorheen vanuit Mozaïek 2.0 werd bediend. Groep 2 betreft junior onderzoekers met een recente asielachtergrond, de doelgroep die voorheen vanuit Hestia – Impuls voor Vluchtelingen in de Wetenschap werd bediend.

Daarmee draagt het programma bij aan de ontwikkeling van een inclusieve werkomgeving binnen Nederlandse universiteiten, waarin diversiteit actief wordt bevorderd, gelijke kansen worden ?xpp afbreek?>gecreëerd en verschillen in de werkomgeving worden gewaardeerd. NWO en het Ministerie van OCW streven hiermee naar meer kansen voor onderzoekers met een migratieachtergrond, of met ouders met een migratieachtergrond, in de wetenschap.

Nieuwe kennis en inzichten vanuit wetenschappelijk onderzoek kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken van vandaag én morgen. Door interactie en afstemming tussen onderzoekers en mogelijke kennisgebruikers, neemt de kans op het toepassen van kennis toe en daarmee ook de kans op maatschappelijke impact. Maatschappelijke impact staat hier voor veranderingen die (mede) het gevolg zijn van door onderzoek gegenereerde kennis en kunde. Deze veranderingen dragen bij aan het welzijn van mens, planeet en maatschappij voor deze en toekomstige generaties. Via haar beleid op impact bevordert NWO de mogelijke bijdrage vanuit onderzoek aan maatschappelijke vraagstukken door het stimuleren van productieve interacties met maatschappelijke belanghebbenden. Zowel tijdens de ontwikkeling als in de uitvoering van het onderzoek. Dit doet zij op een manier die past bij het doel van het financieringsinstrument. NWO stimuleert onderzoekers om met een brede blik te kijken naar de mogelijke gewenste en ongewenste impact van hun onderzoek.

In dit programma moet de Impact Outlook benadering worden toegepast. Onderzoekers kunnen hierbij kiezen op welk soort impact ze hun eigen focus willen leggen en er wordt proportioneel gekeken naar wat er kan voor de overige impact.

NWO biedt een e-learning module aan die geïnteresseerden op weg kan helpen via NWO Impact – Online workshops. Voor meer informatie over het kennisbenuttingsbeleid van NWO zie de website: Kennisbenutting | NWO.

In dit hoofdstuk staat informatie over het opstellen en indienen van een aanvraag. Met ‘aanvraag’ wordt ook de vooraanmelding bedoeld.

Het gebruik van generatieve AI is niet uitgesloten bij het opstellen van uw aanvraag, mits dit verantwoord gebeurt. De richtlijnen vindt u op de website (NWO-beleid op het gebruik van generatieve artificial intelligence (GAI) | NWO).

Hieronder staan de indieningsdeadline inclusief het tijdpad van de gehele beoordelingsprocedure van de ronde. Het kan zijn dat NWO het noodzakelijk acht om tijdens de lopende procedure nog aanpassingen in het tijdpad aan te brengen. De aanvrager wordt hierover geïnformeerd. Aanvragen die na de deadline zijn ingediend, neemt NWO niet in behandeling.

Vooraanmeldingen

3 november 2026 voor 14:00:00 CET

Deadline vooraanmeldingen

december 2026

Beoordelingscommissie beoordeelt vooraanmeldingen

januari 2027

Aanvragers ontvangen het advies van de beoordelingscommissie over wel/niet uitwerken vooraanmelding tot een aanvraag

maart 2027

Besluit door de raad van bestuur van NWO

Aanvragen

4 mei 2027 voor 14:00:00 CEST

Deadline aanvragen

mei 2027

Raadplegen preadviseurs

juni 2027

Preadvisering beoordelingscommissie

september 2027

Interviews

september 2027

Vergadering beoordelingscommissie

november 2027

Besluit door de raad van bestuur van NWO

Promovendi zijn zelf aanvrager en dienen zelf een vooraanmelding en, indien daartoe uitgenodigd, een volledige aanvraag in. Dit wordt gedaan in afstemming met de beoogde promotor en dagelijkse begeleider. Het onderzoek vindt plaats bij één van de onderstaande organisaties:

  • –

    Universiteiten zoals bedoeld in artikel 1.8 lid 1 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek en de universiteiten genoemd in de Beleidsregel Universiteiten in het Koninkrijk der Nederlanden;

  • –

    Universitair medische centra zoals bedoeld in artikel 1.13 lid 1 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;

  • –

    KNAW- en NWO-instituten;

  • –

    Het Nederlands Kanker Instituut;

  • –

    Het Max Planck Instituut voor Psycholinguïstiek te Nijmegen;

  • –

    NCB Naturalis;

  • –

    Advanced Research Centre for NanoLithography (ARCNL);

  • –

    Prinses Máxima Centrum.

Aanvullende voorwaarden

  • –

    Aanvragers zijn op het moment van het indienen van de uitgewerkte aanvraag in het bezit van een universitair master-diploma en hebben een bachelorgraad in het Koninkrijk der Nederlanden behaald;

  • –

    Een aanvraag kan door slechts één aanvrager worden ingediend (niet voor een andere aanvrager, duo’s of (onderzoeks)groepen);

  • –

    De aanvrager voldoet aan de doelgroep-definitie van één van de twee onderstaande groepen. Alle aanvragen worden door één commissie beoordeeld en volgen dezelfde procedure. Elke groep heeft echter een eigen totaal budget, dat het totaal aantal honoreringen uit die groep bepaalt. Indien een aanvrager voldoet aan de voorwaarden van beide groepen, wordt de aanvraag behandeld onder groep 2.

Groep 1: Onderzoekers met een migratieachtergrond buiten Europa
  • –

    De aanvrager is in het bezit van de Nederlandse nationaliteit of een geldige verblijfsvergunning (type II, regulier onbepaalde tijd, of IV, asiel onbepaalde tijd) op het moment van het indienen van de vooraanmelding. Dit is een harde eis en hiervan kan niet worden afgeweken; en

  • –

    De aanvrager heeft een migratieachtergrond en geboren in een van de herkomstlanden gelegen in het door CBS gedefinieerde niveau 2: Buiten Europa (om specifiek te zijn: Turkije, Marokko, Suriname en Indonesië); niveau 3: Overig Buiten Europa (om specifiek te zijn, herkomstlanden gelegen in Overig Afrika en Overig Azië). Herkomstlanden in Overig Amerika en Oceanië zijn uitgesloten, met uitzondering van Midden- en Zuid-Amerika, het Caribisch gebied en de inheemse populaties van Overig Amerika en Oceanië.

    en/of

  • –

    De aanvrager is kind van een ouder met een migratieachtergrond waarbij tenminste één van de ouders van de aanvrager is geboren in een van bovengenoemde herkomstlanden.

of:

Groep 2: Onderzoekers met een recente asielachtergrond
  • –

    De aanvrager is in het bezit van een geldige verblijfsvergunning voor bepaalde tijd asiel (type III, niet meer dan vijf jaar geleden vóór de vooraanmeldingsdeadline verkregen, oftewel op of na 3 november 2021 op het moment van het indienen van de vooraanmelding. In het geval van een verlengde verblijfsvergunning bepaalde tijd asiel (type III) mag de ingangsdatum van het verblijfsrecht niet meer dan acht jaar vóór de vooraanmeldingsdeadline liggen, oftewel op of na 3 november 20181In deze Call for proposals wordt onder een aanvrager met een “vluchtelingenstatus” verstaan een vreemdeling wiens asielaanvraag is toegekend op grond van artikel 29 van de Vreemdelingenwet Nederland 2000, en die wettig verblijf heeft in het Koninkrijk der Nederlanden op basis van een geldige verblijfsvergunning.; of

  • –

    De aanvrager is in het bezit van een geldige verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd asiel (type IV) op het moment van het indienen van de vooraanmelding. Daarnaast kan de aanvrager aantonen (d.m.v. bewijsstukken als oude pasjes of documentatie van de IND) dat de ingangsdatum van het verblijfsrecht van de oorspronkelijk verkregen verblijfsvergunning asiel bepaalde tijd (type III) niet meer dan acht jaar vóór de vooraanmeldingsdeadline ligt, oftewel op of na 3 november 2018; of

  • –

    De aanvrager is genaturaliseerd tot Nederlander en kan aantonen (d.m.v. bewijsstukken als oude pasjes of documentatie van de IND) dat die vóór naturalisatie in het bezit was van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd asiel (type III) met een ingangsdatum van het verblijfsrecht niet meer dan acht jaar vóór de vooraanmeldingsdeadline ligt, oftewel op of na 3 november 2018; of

  • –

    De aanvrager kan aantonen (d.m.v. een sticker in het paspoort of een pasje van de IND) dat die onder de Richtlijn Tijdelijke Bescherming Oekraïne (2001/55 EG) in Nederland verblijft: ?xpp afbreek?>https://ind.nl/nl/oekraine/oekraine-voorbeelden-bewijs-van-verblijf-in-nederland.

Voor beide groepen is een afzonderlijk budget beschikbaar, maar alle aanvragen worden beoordeeld door dezelfde commissie en volgen dezelfde procedure. Op deze wijze wordt gewaarborgd dat de doelgroepen gelijke kansen hebben op financiering. Meer informatie over de beoordelingsprocedure is opgenomen in hoofdstuk 4.

Aanvullend gelden de volgende voorwaarden:

  • –

    De beoogd promotor en de dagelijkse begeleider (indien van toepassing) ondertekenen beiden het aanvraagformulier van zowel de vooraanmelding als de aanvraag op de laatste pagina, gezamenlijk met de aanvrager;

  • –

    De aanvrager dient gedurende het promotietraject (rekening houdend met de uiterste startdatum) ten minste het aangegeven aantal fte (0,5 – 1,0 fte) beschikbaar te hebben voor het project. Het totale aantal fte, in combinatie met eventuele lopende financieringen, mag hierbij niet meer bedragen dan 1,0 fte;

  • –

    Bij indiening van de aanvraag wordt indien nodig een ondertekende overschrijdings-garantieverklaring ingediend door het beoogde instituut/universiteit. Hiermee verklaart de beoogde organisatie de kosten die bovenop de maximaal door NWO te financieren € 420.000 komen voor haar rekening te nemen.

Uitgesloten van indiening:

  • –

    Aanvragers die al gepromoveerd zijn;

  • –

    Aanvragers die op het moment van indiening reeds financiering ontvangen voor het doen van promotieonderzoek of al een promotie-aanstelling aan een universiteit hebben, ongeacht het onderwerp van onderzoek.

Het subsidieplafond voor deze Call for proposals bedraagt in totaal € 7.400.000, waarvan € 5.000.000 voor groep 1 (onderzoekers met een migratieachtergrond buiten Europa, zie sectie 3.2) en € 2.400.000 voor groep 2 (onderzoekers met een recente asielachtergrond, zie sectie 3.2). Per project is maximaal € 420.000 subsidie aan te vragen. De maximale looptijd van het voorgestelde project is 48 maanden (1,0 fte) of equivalenten daarvan tot maximaal 96 maanden (0,5 fte). De aanvrager kan kosten opvoeren voor materieel en kennisbenutting. De beschikbare budgetmodules staan hieronder vermeld. Vraag alleen datgene aan wat essentieel is om het project uit te voeren. De tarieven en een toelichting op deze budgetmodules staan in bijlage 7.1.

Voor personeel dat een bijdrage levert aan het project, kan subsidie voor de loonkosten worden aangevraagd. Het bedrag hiervoor is afhankelijk van het type aanstelling en de organisatie waar het personeel werkt.

Financiering kan worden aangevraagd voor alle project-specifieke materiële kosten. Voor deze kosten geldt een maximum van € 15.000 per jaar per fte wetenschappelijke aanstelling.

Financiering kan worden aangevraagd voor activiteiten die bevorderen dat kennis uit het onderzoek wordt benut2Alle activiteiten die worden aangevraagd onder deze budgetmodule moeten passen binnen de definitie van “Activiteiten inzake kennisoverdracht” die door de Europese Commissie wordt gehanteerd in de Kaderregeling betreffende staatssteun voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie (PbEU 2022, C 414)., om zo de maatschappelijke impact van het onderzoek te vergroten. Het is mogelijk om maximaal 5% van het subsidiebedrag in te zetten voor deze module. Het is niet verplicht om van deze module gebruik te maken.

NWO werkt met het systeem ISAAC. Het indienen van een aanvraag kan alleen via het online-aanvraagsysteem ISAAC. Aanvragen die niet via ISAAC zijn ingediend, worden niet in behandeling genomen. U bent als aanvrager verplicht een aanvraag via het eigen persoonlijke ISAAC-account in te dienen. Begin tijdig met de vooraanmelding in ISAAC.

Voor het opstellen van uw vooraanmelding doorloopt u de volgende stappen:

  • –

    maak een account aan of update indien nodig de gegevens als u al een account heeft;

  • –

    download het vooraanmeldingsformulier;

  • –

    sla het ingevulde vooraanmeldingsformulier op als pdf en dien het in ISAAC in. Dien apart de bijlage(n) in;

  • –

    in ISAAC vult u daarnaast de gevraagde gegevens in, onder andere de disciplinecodes | NWO;

  • –

    een nieuwe organisatie aanmelden die niet in de database van ISAAC staat? Dit kan tot vijf werkdagen voor de deadline via relatiebeheer@nwo.nl;

  • –

    de vooraanmelding is geschreven in het Engels.

Voorzie de vooraanmelding van de volgende verplichte bijlagen (pdf) door deze te uploaden in ISAAC:

  • –

    verklaring van de beoogd promotor/dagelijks begeleider.

Na het indienen van de vooraanmelding wordt u vanuit mozaiek@nwo.nl verzocht om via een beveiligde weg uw persoonsgegevens te delen. Welke verblijfsvergunningen en/of identiteitsbewijzen hierbij nodig zijn, hangt af van de groep waartoe u behoort; zie sectie 3.2.

Zodra u dit verzoek ontvangt, heeft u 48 uur de tijd om de benodigde gegevens aan te leveren. Wij raden u aan om met behulp van de door de Rijksoverheid aangeboden KopieID-app een veilige kopie van uw bewijs te maken. Gegevens die niet noodzakelijk zijn voor de beoordeling van uw toelating mag u doorstrepen; zorg er wel voor dat uw naam, het type verblijfsvergunning, land van herkomst en ingangsdatum zichtbaar blijven.

Gebruik voor de bijlagen alleen de door NWO aangeboden templates. Andere bijlagen dan hierboven vermeld zijn niet toegestaan. Alle bijlagen dienen als pdf-bestand (zonder beveiliging) te worden ingediend.

Documentatie, zoals formats voor indiening van de vooraanmelding en de aanvraag, is ook beschikbaar via de financieringspagina van deze ronde op de NWO-website.

Voor vragen over ISAAC kan de handleiding ISAAC worden geraadpleegd (te vinden via de knop ‘help’ in ISAAC) of kan er contact worden opgenomen met de ISAAC-helpdesk. De ISAAC-helpdesk is bereikbaar van maandag t/m vrijdag van 10.00 tot 17.00 uur op telefoonnummer +31 (0) 70 34 40 600. Mailen kan naar isaac.helpdesk@nwo.nl. Een reactie volgt binnen twee werkdagen.

Een ingediende vooraanmelding dient in ISAAC omgezet worden naar een aanvraag met de knop ‘Vooraanmelding omzetten naar aanvraag’. Begin tijdig met de aanvraag in ISAAC.

Voor het opstellen van uw aanvraag doorloopt u de volgende stappen:

  • –

    download het aanvraagformulier en de formats voor bijlagen in ISAAC;

  • –

    sla het ingevulde aanvraagformulier op als pdf en dien het in ISAAC in. Dien apart de bijlage(n) in;

  • –

    in ISAAC vult u daarnaast de gevraagde gegevens in, onder andere de Disciplinecodes | NWO en de publiekssamenvatting in het Nederlands en Engels. De publiekssamenvatting publiceert NWO bij het nieuwsbericht over de toewijzingen van de subsidie, bedraagt 50–100 woorden en moet toegankelijk geschreven zijn voor een bredere doelgroep. De wetenschappelijke samenvatting wordt niet gepubliceerd vanwege intellectueel eigendom;

  • –

    nieuwe organisatie aanmelden die niet in de database van ISAAC staat? Dit kan tot 5 werkdagen voor de deadline via relatiebeheer@nwo.nl;

  • –

    de aanvraag is geschreven in het Engels.

Voorzie de aanvraag van de volgende verplichte bijlagen door deze te uploaden in ISAAC:

  • –

    Begroting (Excel-bestand);

Optionele bijlage(n):

  • –

    Verklaring overschrijding bedrag (pdf)

Let op! De promotor en copromotor(es)/dagelijks begeleider(s) en de aanvrager (beoogd promovendus) ondertekenen allen de laatste pagina van het aanvraagformulier (zowel vooraanmelding als volledige aanvraag).

Gebruik voor de bijlagen alleen de door NWO aangeboden templates. Andere bijlagen dan hierboven vermeld zijn niet toegestaan. Alle bijlagen, met uitzondering van de begroting, dienen als pdf-bestand (zonder beveiliging) te worden ingediend. De begroting moet als Excel-bestand worden ingediend in ISAAC.

Documentatie, zoals formats voor indiening van de aanvraag, is ook beschikbaar via de financieringspagina van deze ronde op de NWO-website.

De beoogde promotor van de aanvrager is verbonden aan een van de volgende universiteiten/instituten in het Koninkrijk der Nederlanden:

  • –

    universiteiten zoals bedoeld in artikel 1.8 lid 1 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek en de universiteiten genoemd in de Beleidsregel Universiteiten in het Koninkrijk der Nederlanden;

  • –

    universitair medische centra zoals bedoeld in artikel 1.13 lid 1 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;

  • –

    KNAW- en NWO-instituten;

  • –

    het Nederlands Kanker Instituut;

  • –

    het Max Planck Instituut voor Psycholinguïstiek te Nijmegen;

  • –

    NCB Naturalis;

  • –

    Advanced Research Centre for NanoLithography (ARCNL);

  • –

    Prinses Máxima Centrum.

Daarnaast heeft de beoogd promotor een dienstverband (aanstellingsduur) voor ten minste de looptijd van het promotie-onderzoek waarvoor de subsidie wordt aangevraagd. Personen met een nul-uren-arbeidsovereenkomst of met een dienstverband voor bepaalde tijd (anders dan een tenure track) kunnen niet optreden als beoogd promotor.

Het kan voorkomen dat de tenure track overeenkomst van de beoogd promotor eindigt vóór de beoogde afrondingsdatum van het project waarvoor de subsidie wordt aangevraagd, of dat vóór die datum het vaste dienstverband van de beoogd promotor eindigt wegens het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. In dat geval voegt de beoogd promotor een verklaring van diens werkgever bij, waarin de betreffende organisatie garandeert dat het project en alle op het project werkzame personen voor wie subsidie wordt aangevraagd adequaat zullen worden begeleid voor de volledige duur van het project.

Op het moment van de deadline van de vooraanmelding beschikt de beoogd promotor over promotierecht (ius promovendi) en vermeldt dit in de verklaring. De promotor mag meewerken aan onderzoeksvoorstellen van meer dan één aanvrager, zolang dit niet hetzelfde project betreft. Indien de promotor niet, of niet alleen, de dagelijkse begeleiding op zich zal nemen, dan wordt de promotorverklaring opgesteld door de dagelijks begeleider/copromotor in samenspraak met de promotor.

In de verklaring wordt ingegaan op de kwaliteit en motivatie van de aanvrager (beoogd promovendus) voor het voorgestelde onderzoek, de totstandkoming van de vooraanmelding, de kwaliteit en relevantie van het voorgestelde onderzoek (waaronder ook de toegevoegde waarde van de onderzoekslijn van de promotor en/of overige begeleiders), en op de manier waarop de begeleiding (samenstelling begeleidingscommissie) en opleiding van de aanvrager vormgegeven zal worden.

Wanneer de onderzoeksorganisatie een financiële bijdrage levert, dient een ‘Verklaring overschrijding bedrag’ te worden aangeleverd. Dit is bijvoorbeeld het geval als de onderzoeksorganisatie (een deel van) het salaris van de onderzoeker betaalt (en dit deel dus geen onderdeel uitmaakt van de kosten die NWO al vergoedt).

Indien het maximum aan te vragen NWO-subsidiebedrag (€ 420.000) in de aanvraagbegroting overschreden wordt, dient de onderzoeksorganisatie waar het project zal worden uitgevoerd bij indiening van de aanvraag te garanderen dat zij de overschrijding voor haar rekening neemt indien de aanvraag toegewezen wordt. Indien hier sprake van is moet de aanvrager het formulier ‘Verklaring overschrijding bedrag’ als bijlage uploaden bij het indienen van de aanvraag. NWO stelt hiervoor het sjabloon beschikbaar op de financieringspagina.

NWO toetst een aanvraag op alle in deze Call for proposals gestelde voorwaarden, inclusief onderstaande voorwaarden. Alleen als de aanvraag aan deze voorwaarden voldoet, wordt de aanvraag in behandeling genomen.

Voorwaarden:

  • –

    de verplichte vooraanmelding is ingediend voor de deadline;

  • –

    de aanvraag is ontvangen voor de gestelde deadline;

  • –

    een geldig bewijs verblijfsvergunning Type II, Type III (verkregen niet langer dan vijf jaar vóór de vooraanmeldingsdeadline), Type IV, of bewijs van de Nederlandse nationaliteit is ontvangen voor de gestelde deadline zoals aangegeven in paragraaf 3.4;

  • –

    de aanvrager voldoet aan de in paragraaf 3.2 en paragraaf 7.1.1;

  • –

    de aanvraag voldoet aan de DORA richtlijnen zoals beschreven in paragraaf 4.3.4;

  • –

    de aanvraag voldoet aan de aanvullende voorwaarden voor indiening zoals beschreven in paragraaf 3.5.1 en 3.5.2;

  • –

    de aanvraag is opgesteld met gebruikmaking van de formulieren die beschikbaar zijn gesteld in ISAAC en op de financieringspagina (webpagina) van deze ronde op de NWO-website;

  • –

    de datamanagementparagraaf is ingevuld (hiermee maken aanvragers kenbaar hoe met data voortkomend uit het onderzoek wordt omgegaan);

  • –

    het aanvraagformulier en de verplichte bijlagen zijn, na eventueel eenmalig verzoek tot aanvulling of wijziging, juist, compleet en volgens de instructies ingevuld;

  • –

    de aanvraag is ingediend via het ISAAC-account van de aanvrager;

  • –

    de aanvraag is in het Engels opgesteld;

  • –

    de aanvraag voldoet aan de eisen ten aanzien van de pagina- dan wel woordlimiet;

  • –

    de begroting in de aanvraag is volgens de voorwaarden van deze Call for proposals opgesteld (gebruikmakend van het beschikbaar gestelde format dat de meest recente tarieven bevat);

  • –

    het voorgestelde project heeft een looptijd van minimaal 48 en maximaal 96 maanden.

In het vooraanmeldings- en aanvraagformulier kunnen aanvullende voorwaarden, toelichtingen, werkwijzen en vragen staan die nodig zijn om het formulier correct te kunnen invullen.

In behandeling nemen en administratieve correcties

Zo snel mogelijk nadat de benodigde stukken zijn ingediend, ontvangt de aanvrager bericht of NWO de aanvraag in behandeling neemt. Houd er rekening mee dat NWO de aanvrager binnen twee weken na de indieningsdeadline kan benaderen om eventuele administratieve correcties door te voeren om (alsnog) te voldoen aan de voorwaarden voor indiening.

De aanvrager krijgt één keer de gelegenheid om binnen maximaal vijf werkdagen de correcties door te voeren. Als blijkt dat gecorrigeerde stukken wederom niet volledig en/of juist zijn, neemt NWO de aanvraag niet in behandeling.

Informeren eigen onderzoeksorganisatie

NWO gaat ervan uit dat de beoogd promotor en/of dagelijks begeleider van de aanvrager de onderzoeksorganisatie waar zij werkzaam zijn hebben geïnformeerd over het indienen van de aanvraag en dat de organisatie de subsidievoorwaarden van deze Call for proposals aanvaardt. Tijdens het aanvraagproces communiceert NWO met de aanvrager.

In dit hoofdstuk staat informatie over de beoordelingsprocedure van een aanvraag.

De beoordeling vindt plaats aan de hand van inhoudelijke beoordelingscriteria en gaat van start nadat een aanvraag in behandeling is genomen. In de vooraanmeldingsfase en de fase van de volledige aanvraag wordt beoordeeld aan de hand van verschillende criteria.

De beoordeling vindt plaats aan de hand van inhoudelijke beoordelingscriteria en gaat van start nadat een vooraanmelding in behandeling is genomen. In de vooraanmeldingen wordt het profiel van de aanvrager inhoudelijk beoordeeld aan de hand van de volgende criteria:

  • 1.

    Universitaire vooropleiding (weegt 20% mee in de beoordeling)

  • 2.

    Onderzoekservaring (weegt 20% mee in de beoordeling)

  • 3.

    Motivatie voor promotieonderzoek (weegt 20% mee in de beoordeling)

  • 4.

    Inbedding van het onderzoek (weegt 20% mee in de beoordeling)

  • 5.

    Opleidingsplan (weegt 20% mee in de beoordeling)

De criteria 1 t/m 5 krijgen een score. Hierbij wordt de NWO-scoretabel gehanteerd op een schaal van ?xpp afbreek?>1 tot 9, waarbij ‘1’ excellent is en ‘9’ ontoereikend.

Alle aanvragen worden op basis van deze score in prioritering gezet. In rondes met vijf of meer aanvragen worden de scores van de leden van de beoordelingscommissie genormaliseerd om tot een prioritering te komen. NWO past normalisatie toe op basis van de mediaan en de gemiddelde deviatie.

Om in aanmerking te komen voor subsidie dient een vooraanmelding als geheel tenminste de kwalificatie ‘zeer goed’ krijgen. Voor meer informatie over de kwalificaties zie Financiering aanvragen, hoe werkt dat? | NWO.

Profiel van de aanvrager
  • –

    Universitaire vooropleiding: bij voorkeur aansluitend bij het onderwerp van onderzoek. Ook aanvragers wiens vooropleiding niet aansluit bij het onderwerp van onderzoek kunnen een aanvraag indienen, maar besteden idealiter in het opleidingsplan extra aandacht aan vaardigheden die nog verworven moeten worden (20%).

  • –

    Onderzoekservaring: enige onderzoekservaring in de vorm van bijvoorbeeld werkzaamheden als onderzoeksassistent, het uitvoeren van een pilotonderzoek, wetenschappelijke publicatie(s), journalistiek onderzoek, ervaring met werk in archieven of het bijwonen van congressen strekt tot aanbeveling. Deze voorbeelden zijn niet uitputtend (20%).

  • –

    Motivatie voor promotieonderzoek: een duidelijke affiniteit met het onderwerp van onderzoek is een minimale voorwaarde. Daarnaast dienen aanvragers te motiveren waarom zij promotieonderzoek willen gaan uitvoeren (20%).

  • –

    Inbedding van het onderzoek: aanvragers dienen te worden begeleid door een adequaat begeleidingsteam dat de relevante expertise bevat en waarmee regelmatig contact is (20%).

  • –

    Opleidingsplan: er wordt beschreven welke eventuele lacunes wat betreft kennis en vaardigheden er bij de aanvragers bestaan en hoe deze zullen worden opgevuld (20%).

  • 1.

    Onderzoeksopzet, onderzoeksaanpak en methodologie (weegt 50% mee in de beoordeling)

  • 2.

    Inbedding en innovatief karakter (weegt 30% mee in de beoordeling)

  • 3.

    Wetenschappelijke en/of maatschappelijke impact (weegt 20% mee in de beoordeling)

De criteria 1 t/m 3 krijgen een score. Hierbij wordt de NWO-scoretabel gehanteerd op een schaal van ?xpp afbreek?>1 tot 9, waarbij ‘1’ excellent is en ‘9’ ontoereikend.

Alle aanvragen ontvangen een gewogen gemiddelde totaalscore op de criteria 1 t/m 3 en worden op basis van deze score in prioritering gezet. In rondes met vijf of meer aanvragen worden de scores van de leden van de beoordelingscommissie genormaliseerd om tot een prioritering te komen. NWO past normalisatie toe op basis van de mediaan en de gemiddelde deviatie.

Om in aanmerking te komen voor subsidie dient een aanvraag als geheel tenminste de kwalificatie ‘zeer goed’ krijgen. Voor meer informatie over de kwalificaties zie Financiering aanvragen, hoe werkt dat? | NWO.

Onderzoeksopzet, onderzoeksaanpak en methodologie (50%)
  • –

    Onderzoeksopzet passende bij de vraagstelling;

  • –

    Doeltreffendheid en helderheid van aanpak en methodologie;

  • –

    Haalbaarheid in het licht van het werkplan, de beschikbare onderzoekstijd, de beschikbare infrastructuur en de begeleiding en kwaliteit van de onderzoeksgroep.

Inbedding en innovatief karakter (30%)
  • –

    Theoretische inbedding (positionering/inbedding in wetenschappelijke theorie en/of debatten);

  • –

    Wetenschappelijk belang (bijdrage aan wetenschappelijke theorie, potentiële vernieuwende waarde);

  • –

    Wetenschappelijke vraagstelling (heldere, relevante en afgebakende discussie en probleemstelling).

Wetenschappelijke en/of maatschappelijke impact (20%)
  • –

    Overtuigende motivatie voor de gekozen focus op wetenschappelijke impact, maatschappelijke impact, of een combinatie daarvan;

  • –

    Ambitieuze visie en passende strategie voor verspreiding en/of implementatie van de onderzoeksresultaten binnen het eigen vakgebied en aanverwante vakgebieden;

  • –

    Potentie tot maatschappelijke impact, op korte en/of lange termijn.

De beoordelingsprocedure van de aanvraag bestaat uit de volgende stappen (zie het tijdpad in paragraaf 3.1):

  • –

    beoordeling van de vooraanmelding;

  • –

    advies en besluit over de vooraanmelding;

  • –

    preadvisering aanvraag beoordelingscommissie;

  • –

    interview;

  • –

    vergadering van de beoordelingscommissie;

  • –

    besluitvorming.

Voor deze ronde wordt een externe, onafhankelijke wetenschapsbrede beoordelingscommissie ingesteld. De taak van de beoordelingscommissie is om de ingediende aanvragen en de daarop betrekking hebbende stukken in onderlinge samenhang en op eigen merites te beoordelen op basis van de gegeven selectiecriteria in deze Call.

Bij het opstellen van de vooraanmelding dient er rekening mee gehouden te worden dat de vooraanmelding ook toegankelijk moet zijn voor commissieleden uit andere wetenschapsdisciplines dan die van de aanvrager. Uw vooraanmelding wordt voor commentaar voorgelegd aan enkele leden van de beoordelingscommissie, de preadviseurs. De beoordelingscommissie is wetenschapsbreed en bestaat uit diverse commissieleden uit diverse disciplines (van sociale en geesteswetenschappen tot technische en toegepaste wetenschappen). Zij geven schriftelijk een inhoudelijk beargumenteerd commentaar op de vooraanmelding en komen voor elke vooraanmelding tot een advies over de selectie voor de uitwerking van een vooraanmelding tot een aanvraag.

Vanwege de aanwezige expertise in de beoordelingscommissie, heeft NWO besloten om bij de beoordeling van de aanvragen gebruik te maken van de mogelijkheid gegeven in artikel 2.2.4, lid 2, van de NWO Subsidieregeling 2024, om de beoordelingsprocedure uit te voeren zonder referenten in te schakelen.

De beoordelingscommissie beoordeelt vooraanmeldingen aan de hand van de criteria beschreven in paragraaf 4.1.1. De beoordelingscommissie komt voor elke vooraanmelding tot een positief of negatief advies over de uitwerking van een vooraanmelding tot een aanvraag.

In de motivering van het advies vermeldt de beoordelingscommissie haar observaties met betrekking tot de kwaliteit van de vooraanmeldingen. Uitgangspunt bij de advisering door de beoordelingscommissie is dat maximaal tweemaal het verwachte aantal toe te wijzen aanvragen een positief besluit op de vooraanmelding ontvangt.

Mozaïek 3.0 heeft twee groepen met verschillende indienvoorwaarden, elk met een eigen budget. Alle vooraanmeldingen worden echter beoordeeld door één commissie en volgen dezelfde procedure.

Binnen elke groep worden de hoogst gerangschikte vooraanmeldingen geselecteerd, tot maximaal tweemaal het beschikbare budget van die groep is bereikt.

Aanvragers ontvangen het voorgenomen advies van de beoordelingscommissie. Aanvragers met een negatief voorgenomen advies ontvangen daarbij de motivering van de beoordelingscommissie. Indien een aanvrager van mening is dat de motivering een feitelijke onjuistheid bevat, dan heeft de aanvrager vijf werkdagen de tijd om tot een correctie daarvan te verzoeken, via het daarbij aangeleverde format. Deze optie is niet bedoeld om aanvullende, nieuwe informatie betreffende de aanvraag te verstrekken of vragen te stellen aan de beoordelingscommissie. Met inachtneming van deze verzoeken beoordeelt de beoordelingscommissie of zij aanleiding ziet om haar voorgenomen advies te wijzigen. Daarna wordt de definitieve prioritering vastgesteld.

De beoordeling van de vooraanmelding resulteert in een besluit van de raad van bestuur van NWO om de vooraanmelding al dan niet verder uit te werken.

De aanvraag wordt voor commentaar voorgelegd aan de beoordelingscommissie. Daarbinnen worden per aanvraag bij voorkeur minstens twee preadviseurs aangewezen. De preadviseurs geven schriftelijk een inhoudelijk en beargumenteerd commentaar op de aanvraag. Zij formuleren dit commentaar aan de hand van de inhoudelijke beoordelingscriteria (zie paragraaf 4.1.2) en geven de aanvraag per beoordelingscriterium een cijfermatige score. Hierbij wordt de NWO-scoretabel gehanteerd (op een schaal van 1 tot 9, waarbij ‘1’ excellent is en ‘9’ ontoereikend). De datamanagementparagraaf wordt niet beoordeeld en daarom ook niet meegewogen in de beslissing om een aanvraag al dan niet toe te wijzen. De beoordelingscommissie kan wel advies geven met betrekking tot de datamanagementparagraaf.

Alle aanvragers die een volledige aanvraag mogen indienen, waarvan de aanvraag ontvankelijk wordt verklaard, worden uitgenodigd voor een interview met een wetenschapsbrede beoordelingscommissie.

Voor het interview vervaardigen de aanvragers een presentatie over hun onderzoeksvoorstel. De aanvragers presenteren de aanvraag aan de beoordelingscommissie. Tijdens het interview heeft de beoordelingscommissie de gelegenheid om vragen te stellen naar aanleiding van de aanvraag en de presentatie. Dit kunnen ook andere vragen zijn dan de aandachtspunten die de aanvragers voorafgaand aan het interview ontvangen hebben. Aanvragers kunnen hier tijdens het interview in de discussie met de commissie op reageren. Op deze wijze wordt nader hoor- en wederhoor toegepast. Het interview is een belangrijk onderdeel van de beoordeling en kan leiden tot bijstelling van de beoordeling en de score van de aanvraag tot dan toe.

De beoordelingscommissie stelt naar aanleiding van de bespreking een schriftelijk advies op aan de raad van bestuur van NWO over de kwaliteit en prioritering van de aanvragen. Dit advies baseert zij op de beoordelingscriteria. De aanvraag als geheel moet tenminste de kwalificatie ‘zeer goed’ krijgen om in aanmerking te komen voor de subsidie. Daarnaast moet de aanvraag tevens op elk van de afzonderlijke beoordelingscriteria tenminste de kwalificatie ‘goed’ krijgen. Voor meer informatie over de kwalificaties zie Financiering aanvragen, hoe werkt dat? | NWO.

Mozaïek 3.0 heeft twee groepen met verschillende indienvoorwaarden, elk met een eigen budget. Alle aanvragen worden echter beoordeeld door één commissie en volgen dezelfde procedure. Binnen elke groep worden de hoogst gerangschikte aanvragen gehonoreerd, tot maximaal het beschikbare budget van die groep is bereikt.

Als na de bespreking van de aanvragen blijkt dat twee of meer aanvragen op basis van hun gewogen totaalscore niet van elkaar te onderscheiden zijn, dan is er sprake van een ex aequo-situatie (zie paragraaf 4.3.7. over ex aequo).

Voor de besluitvorming toetst de raad van bestuur van NWO de gevolgde procedure en het advies van de beoordelingscommissie. De definitieve kwalificaties worden vastgesteld en over de toe- en afwijzing van de aanvragen wordt besloten. De aanvrager ontvangt na dit besluit van NWO bericht of de aanvraag is toegewezen of afgewezen. De aanvrager ontvangt ook een brief (per e-mail) met daarin het besluit.

Onderstaande richtlijnen en kaders zijn van toepassing tijdens de beoordeling van uw aanvraag.

Voor alle bij de beoordeling en/of besluitvorming betrokken personen en betrokken NWO-medewerkers is de NWO Code Persoonlijke Belangen van toepassing.

Het gebruik van generatieve AI is volledig uitgesloten bij de beoordeling van een aanvraag. Meer informatie over het beleid op generatieve AI vindt u op de website (NWO-beleid op het gebruik van generatieve artificial intelligence (GAI) | NWO).

NWO streeft naar een inclusieve cultuur, waarin geen plaats is voor bewuste of onbewuste barrières vanwege culturele, etnische of religieuze achtergrond, gender, seksuele oriëntatie, gezondheid of leeftijd (Diversiteit en inclusie | NWO). NWO biedt leden van een beoordelingscommissie handvatten voor het inclusief beoordelen bij de schriftelijke beoordeling en bij de vergadering van de beoordelingscommissie (Inclusief beoordelen | NWO).

NWO hanteert bij het beoordelen van het wetenschappelijke trackrecord van aanvragers een brede definitie van wetenschappelijke output.

NWO verzoekt de beoordelingscommissie bij de beoordeling van de aanvragen niet af te gaan op indicatoren als de Journal Impact Factor of de h-index. Deze mogen niet worden vermeld in de aanvraag. Wel mogen naast publicaties ook andere wetenschappelijk producten worden vermeld, zoals datasets, patenten, software, code enzovoort.

De basis voor dit beleid ligt in de ‘San Francisco Declaration on Research Assessment’ (DORA), ondertekend door NWO. DORA is een wereldwijd initiatief dat beoogt de manier te verbeteren waarop onderzoek en onderzoekers worden beoordeeld. DORA bevat aanbevelingen voor onderzoeksfinanciers, onderzoeksorganisaties, wetenschappelijke tijdschriften en andere partijen.

In de Nationale leidraad kennisveiligheid hebben de Nederlandse kennissector (waaronder NWO) en verschillende onderdelen van de Rijksoverheid handvatten vastgelegd voor wie binnen onderzoeksorganisaties te maken heeft met internationale samenwerking en daarbij kansen en (veiligheids-)risico’s tegen elkaar moet afwegen. Bij de aanpak van kennisveiligheid binnen Nederland staat zelfregulering door de kennissector centraal.

NWO verwacht van aanvragers dat zij zich conformeren aan het kennisveiligheidsbeleid van de onderzoeksorganisatie. Indien NWO-signalen ontvangt dat een aanvraag of toegewezen project kennisveiligheidsrisico’s met zich meebrengt, kan NWO de aanvrager of projectleider verzoeken inzicht te geven in de risico mitigerende maatregelen. Daarnaast kan NWO besluiten om in het subsidieverleningsbesluit nadere voorwaarden op te nemen ter bescherming van de kennisveiligheid.

De Nationale leidraad kennisveiligheid vindt u op de website van de Rijksoverheid: Home | Loket Kennisveiligheid.

Tegemoetkomingsregeling bij overmacht

Aanvragers die gedurende de beoordelingsprocedure verhinderd zijn om tijdig de benodigde input te leveren kunnen mogelijk een beroep doen op de Tegemoetkomingsregeling bij overmacht | NWO.

Tegemoetkomingsregeling kindverlof

Voor aanvragers die gedurende de beoordelingsperiode verlof hebben in verband met de komst van een kind (kindverlof) biedt NWO, voor instrumenten waarin geen medeaanvragers mogen worden opgevoerd, de mogelijkheid om gebruik te maken van de Tegemoetkomingsregeling kindverlof | NWO.

De aanvrager dient om gebruik te maken van deze regeling(en) een met redenen omkleed schriftelijk verzoek in bij NWO via de contactpersoon van deze ronde (zie hoofdstuk 6). Bij dit verzoek verstrekt de aanvrager alle informatie op grond waarvan NWO een beslissing kan nemen, met inbegrip van informatie waaruit blijkt dat de aanvrager is verhinderd om input te leveren wegens kindverlof en/of een overmachtssituatie.

Onder ex aequo verstaat NWO de situatie waarin twee of meer aanvragen op basis van hun gewogen score niet van elkaar te onderscheiden zijn. Een ex aequo situatie is relevant rondom de grens van het subsidieplafond of de selectiegrens. Of er sprake is van een ex aequo situatie wordt als volgt bepaald. Het uitgangspunt is de door de beoordelingscommissie opgestelde prioritering, met eindscores afgerond op 2 decimalen. De referentiescore is de score van de laagst geprioriteerde aanvraag binnen de grens van het subsidieplafond of de selectiegrens. Alle aanvragen met een score die 0,05 of minder van de referentiescore afliggen, worden in overweging genomen. Zo worden de aanvragen geselecteerd die binnen 0,10 gelijk zijn. Indien een ex aequo situatie zich voordoet op de grens van het subsidieplafond of de selectiegrens, dan zal ter stimulering van het aandeel vrouwen in de wetenschap de aanvraag van een vrouwelijke aanvrager met de hoogste gemiddelde score als hoogste eindigen. Als de ex aequo situatie daarmee niet wordt doorbroken, zal de aanvraag met de hoogste score op het criterium ‘Onderzoeksopzet, onderzoeksaanpak en methodologie’ als hoogste eindigen. Als de ex aequo situatie ook daarmee niet wordt doorbroken, zal de aanvraag met de hoogste score op het criterium ‘Inbedding en innovatief karakter’ als hoogste eindigen. Als ook dan aanvragen gelijk eindigen bepaalt de beoordelingscommissie met behulp van een (anonieme) meerderheidsstemming de prioritering (conform artikel 2.2.6, vijfde lid van de NWO Subsidieregeling 2024). Als ook stemming geen uitsluitsel biedt, of niet gewenst is, wordt de ex aequo situatie doorgestuurd naar de raad van bestuur van NWO.

In dit hoofdstuk staan de voorwaarden en verplichtingen die gelden na toewijzing van de subsidie. Dit hoofdstuk is hoofdzakelijk relevant voor aanvragers van toegewezen aanvragen.

Na toewijzing van een aanvraag wordt de aanvrager automatisch de projectleider en het aanspreekpunt voor NWO. De onderzoeksorganisatie van de projectleider is de begunstigde en wordt penvoerder. De projectleider en penvoerder zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor de uitvoering van het gehele project.

De projectleider van het project ontvangt namens de raad van bestuur van NWO een subsidieverleningsbesluit. Daarin staan ook specifieke formulieren of richtlijnen vermeld. Het startformulier en het datamanagementplan dienen voor aanvang van het project te worden ingediend. Zonder deze documenten mag het project niet starten. De subsidie wordt uitbetaald in termijnen nadat aan alle startvoorwaarden is voldaan.

Om de start van het project aan te geven, dient gebruik te worden gemaakt van het startformulier. Het startformulier wordt tegelijk met het subsidieverleningsbesluit aan de projectleider gestuurd.

Projectleiders kunnen anderen machtigen om administratieve acties voor hun project uit te voeren in het ISAAC systeem. Meer informatie over de machtigingsregeling voor projectleiders staat hier: Machtigingsregeling voor projectleiders | NWO.

Bij goed onderzoek hoort verantwoord datamanagement. Voorafgaand aan de start van het project werkt de projectleider de datamanagementparagraaf (zie paragraaf 3.6) uit tot een datamanagementplan. Als er door de beoordelingscommissie advies gegeven is over datamanagement, dan kan daarvan gebruik worden gemaakt. De projectleider beschrijft in het plan of er gebruik gemaakt wordt van bestaande data of dat het om een nieuwe dataverzameling gaat en hoe de dataverzameling dan FAIR – vindbaar, toegankelijk, interoperabel en herbruikbaar – gemaakt wordt.

Het datamanagementplan moet worden afgestemd met een datasteward of vergelijkbare functionaris van de onderzoeksorganisatie waar het project wordt uitgevoerd. Het datamanagementplan moet voor de startdatum van het project via ISAAC bij NWO worden ingediend. NWO beoordeelt het plan. Goedkeuring van het datamanagementplan door NWO is een voorwaarde voor de subsidieverlening. Het plan kan tijdens het onderzoek worden bijgesteld.

Tijdens de loop van het project houdt de projectleider NWO op de hoogte van de voortgang. Dit gebeurt op verschillende manieren.

NWO vraagt periodiek de voortgang van een project op. De projectleider ontvangt tijdig per e-mail een verzoek voor het opstellen en indienen van een voortgangsverslag, inclusief de deadline voor indiening. Een voortgangsverslagsjabloon is online beschikbaar. Indien er een afwijkend voortgangsverslagsjabloon voor het project geldt, krijgt de projectleider daar informatie over. Omdat voor deze ronde een Impact Outlook benadering van toepassing is, wordt de projectleider gevraagd om langs de lijnen van deze benadering over maatschappelijke impact te rapporteren.

NWO wil op de hoogte blijven van alle output die het onderzoek oplevert, zowel wetenschappelijk als voor het brede publiek. Op de NWO-website is meer informatie te vinden over verschillende soorten output. Projectleiders kunnen deze output indienen via het ISAAC-systeem.

Als er tijdens de looptijd van het project wijzigingen zijn ten opzichte van de toegewezen aanvraag en begroting dan moet de projectleider deze wijzigingen vooraf ter goedkeuring voor leggen aan NWO via een wijzigingsformulier. Zie ook art.3.4 van de NWO Subsidieregeling 2024.

Hieronder staan de richtlijnen en kaders beschreven die van toepassing zijn op de uitvoering van het project.

Net zoals bij de beoordeling (zie paragraaf 4.3) is na toewijzing de Nationale leidraad kennisveiligheid van toepassing. NWO verwacht van projectleiders dat zij zich conformeren aan het kennisveiligheidsbeleid van de onderzoeksorganisatie. In het subsidieverleningsbesluit kunnen nadere voorwaarden zijn opgenomen ter bescherming van de kennisveiligheid. De Nationale leidraad kennisveiligheid vindt u op de website van de Rijksoverheid: Loket Kennisveiligheid.

Het is de verantwoordelijkheid van de projectleider om na te gaan of voor de uitvoering van het voorgestelde project een ethische verklaring of vergunning noodzakelijk is. Het wel of niet hebben van een ethische verklaring of vergunning op het moment van het aanvraagproces heeft geen invloed op de beoordeling van de aanvraag. Als er een ethische verklaring of vergunning nodig is voor (een deel van) het onderzoek dan moet de projectleider een kopie van deze verklaring of vergunning aan NWO verstrekken nadat het project is toegewezen, en in ieder geval uiterlijk voordat de uitvoering van het onderdeel van het project waarvoor de verklaring nodig is van start gaat. Het deel van het project waarvoor de verklaring en/of vergunning vereist is, kan uiteraard (nog) niet worden uitgevoerd zolang er geen verklaring of vergunning is verstrekt.

Onderzoek dient volgens de normen van de Nederlandse Gedragscode Wetenschappelijke Integriteit (2018) te worden uitgevoerd. In geval van (mogelijke) schending van deze normen, moet de projectleider NWO hiervan onmiddellijk op de hoogte stellen en alle relevante documenten aan NWO overleggen. Onderzoekers kunnen ook een klacht indienen bij de Commissie Wetenschappelijke Integriteit van hun onderzoeksorganisatie of bij het Meldpunt wetenschappelijke integriteit | NWO.

NWO hecht grote waarde aan de wetenschappelijke integriteit van door haar gefinancierd onderzoek en spant zich in om integriteitsschendingen te voorkomen en te signaleren. Niet-integer onderzoek kan immers leiden tot directe schade (bijvoorbeeld aan de omgeving of patiënten), en kan het publieke vertrouwen in de wetenschap en het vertrouwen tussen wetenschappers onderling aantasten.

Uit het project kan kennis voortkomen die geschikt is voor toepassing in de maatschappij. Bij het aangaan van afspraken over licentie- en/of overdracht van onderzoeksresultaten dient rekening te worden gehouden met de tien principes voor maatschappelijk verantwoord licentiëren, die te vinden zijn op de website van UMCNL.

Onderzoekers moeten de noodzakelijke acties ten aanzien van het Nagoya Protocol nemen. Het Nagoya Protocol zorgt voor een eerlijke verdeling van voordelen die voortvloeien uit het gebruik van genetische bronnen, inclusief (traditionele) kennis over deze bronnen (Access and Benefit Sharing; ABS). Onderzoekers die gebruik maken van deze bronnen (in of uit het buitenland) dienen zich op de hoogte te stellen van het Nagoya Protocol (Home | ABS Focal Point).

Het beleid van NWO met betrekking tot intellectueel eigendom (IE) is te vinden in de NWO Subsidieregeling 2024.

Projectleiders moeten een door NWO gefinancierd project uitvoeren in de tijd dat ze voor de begunstigde onderzoeksorganisatie werken. Indien een projectleider of een door NWO gefinancierde onderzoeker bij meerdere werkgevers is aangesteld, dient de niet-begunstigde werkgever afstand te doen van eventuele intellectuele eigendomsrechten die uit het project voortvloeien.

Uiterlijk drie maanden na het einde van de looptijd van het project levert de projectleider schriftelijk een inhoudelijk en financieel eindverslag in. Het niet of niet tijdig indienen van deze verslagen kan leiden tot het lager of op nihil vaststellen van de subsidie. De projectleider ontvangt een verzoek per e-mail, inclusief de deadline voor indiening. Een basis eindverslagsjabloon en een financieel eindverslagsjabloon zijn te vinden op: Het afsluiten van een project | NWO. Indien er een afwijkend eindverslagsjabloon voor het project geldt, ontvangt de projectleider daar te zijner tijd informatie over.

Om zekerheid te verkrijgen over of de subsidie op de juiste wijze is besteed, vraagt NWO bij een vaststellingsverzoek om een controleverklaring/auditrapport uitgevoerd door een externe accountant wanneer:

  • –

    Het Onderwijsaccountantsprotocol OCW/EZ niet van toepassing is op de begunstigde van een subsidie voor een project en de verleende subsidie boven de € 125.000 ligt;

  • –

    Bij de financiering van een project door NWO een andere publieke financier dan het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) is betrokkenen en deze een controleverklaring vereist. In die gevallen maakt het niet uit of het Onderwijsaccountantsprotocol van toepassing is.

Het Onderwijsaccountantsprotocol OCW/EZ is van toepassing op door het Ministerie van OCW bekostigde rechtspersonen in de onderwijssectoren Primair Onderwijs (PO), Voortgezet Onderwijs (VO), Middelbaar Beroepsonderwijs (MBO) en Hoger Onderwijs (HO).

De penvoerder is verantwoordelijk voor het tijdig regelen van de controleverklaring. Deze verantwoordelijkheid blijft onverminderd van toepassing als de penvoerder een deel van de subsidie heeft besteed aan een andere partij. Stem dit op tijd af met de externe accountant.

Neem voor vragen over dit onderwerp tijdig, bij voorkeur bij de start van het project, contact op met NWO, zie hoofdstuk 6.

Open Science is de beweging die staat voor een meer open en participatieve onderzoekspraktijk waarbij publicaties, data, software en andere vormen van wetenschappelijke informatie in een zo vroeg mogelijk stadium gedeeld worden en voor hergebruik beschikbaar gesteld worden.

Wetenschappelijke publicaties over het project dienen Open Access beschikbaar te zijn volgens de Beleidsregel Open Access. Op de website van NWO staat beschreven welke opties er zijn voor het Open Access beschikbaar maken van verschillende typen publicaties zoals wetenschappelijke artikelen, boeken en boekhoofdstukken en proefschriften. Op de NWO-website staat ook informatie over de toepassing van licenties. Eventuele kosten voor Open Access publiceren dienen te worden begroot als onderdeel van de aanvraagbegroting.

Leidt NWO-onderzoek tot een publicatie of andere relevante onderzoeksoutput? Dan moet de penvoerder bij de acknowledgements NWO noemen als financier.

NWO kan aanvragers/projectleiders mogelijk benaderen voor een evaluatie van de procedure en/of het onderzoeksprogramma.

Vragen over de financiering van aanvragen?

Kijk voor meer informatie op Financiering aanvragen, hoe werkt dat? | NWO.

Vragen over de inhoud van deze ronde?

Voor inhoudelijke vragen over deze ronde kan contact worden opgenomen met:

Sam Adriaenssens

NWO Mozaïek 3.0

mozaiek@nwo.nl

+31 70 349 4285

Technische vragen over het elektronische aanvraagsysteem ISAAC?

Voor vragen over ISAAC kan de handleiding ISAAC worden geraadpleegd (te vinden via de knop ‘help’ in ISAAC). Daarnaast kan er contact opgenomen worden met de ISAAC-helpdesk. De ISAAC-helpdesk is bereikbaar van maandag t/m vrijdag van 10.00 tot 17.00 uur CET/CEST op telefoonnummer +31 (0)70 34 40 600. U kunt uw vraag ook per e-mail stellen via isaac.helpdesk@nwo.nl. U ontvangt dan binnen twee werkdagen een reactie.

Voor genoemde salaristabellen en tarieven: zie Salaristabellen | NWO.

Voor personeel dat werkzaam is bij een universiteit in het Koninkrijk der Nederlanden, universitair medisch centrum (umc) of een andere onderzoeksorganisatie, genoemd in artikel 1.1, eerste lid, sub c tot en met h van de NWO Subsidieregeling 2024 kunnen loonkosten worden opgevoerd voor onderstaande personeelsposities.

Promovendus

Een promovendus wordt 48 maanden voor 1,0 fte aangesteld. Het equivalent van 48 voltijdsmaanden tot maximaal 96 maanden voor 0,5 fte, bijvoorbeeld een aanstelling van 60 maanden voor 0,8 fte, is ook mogelijk. Het is in bijzondere situaties mogelijk om een kortere aanstellingsduur aan te vragen. Dit moet goed worden gemotiveerd. Hierover wordt geoordeeld door de beoordelingscommissie. Indien een project korter duurt dan 48 maanden, is het noodzakelijk dat de decaan of instituutsdirecteur schriftelijk toezegt om het resterende deel van het promotietraject te financieren.

Het is niet mogelijk financiering aan te vragen voor een promovendus die voor aanvang van de toewijzing met het te financieren project is gestart.

Gebruik de tarieven van een promovendus in de salaristabellen van UNL en UMCNL. Voor iedere promovendus is een eenmalige persoonsgebonden benchfee van € 5.000 beschikbaar ter stimulering van diens wetenschappelijke carrière.

Financiering kan worden aangevraagd voor alle project-specifieke kosten met betrekking tot onder meer verbruiksgoederen, inkoop van diensten, materialen, kleine instrumenten, toegang tot (inter)nationale faciliteiten, software en onderzoeksmiddelen die na gebruik geen economische waarde meer hebben. Reis- en verblijfkosten (nationaal en internationaal) voor alle mensen die aan het project werken incl. buitenlandse gastonderzoekers, kosten voor de organisatie van (internationale) workshops en symposia, kosten voor datamanagement, publicaties, en kosten in het kader van citizen science vallen eveneens onder deze module. Maximaal 50% van het bij NWO aangevraagde materiële budget kan ingezet worden voor werk door derden (bijvoorbeeld laboratoriumanalyses, dataverzameling enz.).

Reiskosten (nationaal en internationaal) worden alleen vergoed op basis van tweede klasse/economy class tarieven. Voor publicaties gelden de bepalingen in de paragraaf 5.5 Open Science. Kosten voor een controleverklaring kunnen alleen worden opgevoerd voor onderzoeksorganisaties die niet onderworpen zijn aan het onderwijsaccountantsprotocol van OCW voor maximaal € 5.000 per controleverklaring.

Het is niet toegestaan om kosten op te voeren voor:

  • –

    Organisatie-infrastructuur en overhead, waaronder een volledig functionerende werkplek, huisvesting, kantoorautomatisering, personeelsadministratie, reiskosten woon-werk, opleiding, facilitair, HR-advies en bedrijfszorg, documentaire informatievoorziening en thuiswerkvergoeding;

  • –

    Het gebruik en onderhoud van in eigen beheer ontwikkelde wetenschappelijke infrastructuur;

  • –

    Reguliere onderwijsactiviteiten;

Het aangevraagde budget dient in de aanvraag adequaat gespecificeerd te worden. Gebruik voor de bepaling van de tarieven de bepalingen van Personeel en Materieel.

Het is mogelijk om maximaal 5% van het subsidiebedrag in te zetten voor deze module. Het is niet verplicht om van deze module gebruik te maken. Voorbeelden van mogelijke kosten, maar niet gelimiteerd tot, zijn het maken van een lespakket, een haalbaarheidsstudie naar toepassingsmogelijkheden, kosten voor het indienen van een octrooiaanvraag of het gebruik maken van een business developer.

Het tarief op het moment van de besluitdatum is van toepassing. NWO past bij de toekenning zo nodig eenmalig ambtshalve een indexering toe van de loonkosten. Hierbij wordt de datum gehanteerd dat de tarieven ingaan. Indien de datum van bekendmaking van de tarieven later is dan de ingangsdatum, wordt de datum van bekendmaking gehanteerd. De tarieven van de Universiteiten van Nederland (UNL) gaan doorgaans in op 1 juli, van de Nederlandse Federatie van Universitair medische centra (UMCNL) op 1 augustus en van de Handleiding Overheidstarieven (HOT) op 1 januari.

Ambtshalve indexering heeft geen invloed op het subsidieplafond en het maximaal aan te vragen subsidiebedrag. Het subsidieplafond en het maximaal aan te vragen subsidiebedrag blijven ongewijzigd tijdens de beoordelingsprocedure. Bij toewijzing wordt indexering toegepast op het subsidiebedrag.

Indien cofinanciering is vereist dan wel toegestaan, heeft de ambtshalve indexering geen gevolgen voor de eisen aan eigen bijdragen en cofinanciering, noch voor de IE-rechten die uit de cofinanciering kunnen voortvloeien.

De volledige tekst hierboven is de officiële, gepubliceerde bekendmaking; de samenvatting bovenaan deze pagina is automatisch gegenereerd. Controleer voorwaarden, deadlines en subsidieplafonds altijd op de officiële pagina voordat u een aanvraag indient.